Artikel 1 - Begripsomschrijving
Dienstregeling
Voor een ieder kenbaar schema van reismogelijkheden.
Halte
Een plaats waar een vervoermiddel zonodig stilstaat om reizigers op te nemen of te laten uitstappen en die als zodanig is aangeduid, alsmede de daarbij behorende wachtgelegenheid.
Handbagage
Bagage die een reiziger als gemakkelijk mee te voeren, draagbaar dan wel verrijdbaar bij zich heeft, daaronder begrepen levende dieren, vouwfietsen, kinderwagens, alsmede voorwerpen die door de vervoerder als handbagage worden toegelaten.
Personeelslid
Het personeelslid in dienst van de vervoerder met inbegrip van het personeelslid, dat niet in dienst van de vervoerder dienst doet op een vervoermiddel van de vervoerder of op een vervoermiddel dat aan de vervoerder ter beschikking is gesteld.
Reiziger
De persoon ten aanzien van wie de vervoerder zich verbindt deze te vervoeren, danwel de persoon die door zijn aanwezigheid bij de halte of het station te kennen geeft vervoerd te willen worden.
Station
Elk busstation, elk tramstation en elk metrostation.
Tarieven
De tarieven en de modellen van vervoerbewijzen, zoals die worden vastgesteld danwel goedgekeurd overeenkomstig de Wet personenvervoer danwel het Besluit personenvervoer.
Vervoerbewijs
Het vervoerbewijs als bedoeld in de artikelen 41 en 42 Besluit personenvervoer.
Vervoerder
De natuurlijke persoon of rechtspersoon die zich verbindt personen volgens een dienstregeling te vervoeren.
Vervoermiddel
Auto, bus, tram, metro of een via een geleidesysteem voortbewogen voertuig, zoals vermeld in artikel 1 lid h Wet personenvervoer.